Voldoen aan eisen Arbeidsinspectie heeft nogal wat voeten in aarde

Ontwikkel beleid voor naleving Arbeidsomstandighedenwet

De Arbeidsomstandighedenwet is in zijn uitwerking vrij ‘rechtlijnig’ en kent weinig pardon als regels niet exact worden opgevolgd. Op deze pagina gaan we in op een aantal aspecten dat daar direct mee te maken heeft. In feite komt het er op neer dat het meer dan raadzaam is binnen uw onderneming op dit terrein concreet beleid te ontwikkelen. Niet alleen door directe maatregelen, zoals het opstellen van een risico-inventarisatie en -evaluatie, het voeren van werkoverleg en het instrueren van personeel, maar ook door het adequaat inrichten van arbeidsovereenkomsten, functieomschrijvingen, personeelshandboeken, de controle op de naleving daarvan en het doen van investeringen. De adviseurs van SCT Juridisch Adviesbureau staan u graag terzijde in deze complexe materie.

Bedrijfsongevallen: beter voorkomen (en bewijzen) dan genezen

Voldoen aan eisen Arbeidsinspectie heeft nogal wat voeten in aarde

Als zich een bedrijfsongeval voordoet, stelt de Arbeidsinspectie over het algemeen een onderzoek in. En als de inspecteur dan vaststelt dat een, ingevolge de Arbeidsomstandighedenwet beboetbaar feit is gepleegd, zal hij of zij een boeterapport opmaken.

Voor overtredingen van de Arbeidsomstandighedenwet kunnen zogenoemde ‘bestuurlijke boetes’ worden opgelegd. Voor de berekening van alle beboetbare feiten worden de normbedragen gehanteerd van de ‘Tarieflijst boetenormbedragen bestuurlijke boete’. Deze bedragen vormen de basis voor de berekening van boetes voor bedrijven of instellingen met 500 werknemers of meer. Voor minder omvangrijke bedrijven of instellingen worden de bedragen aan de hand van de staffel bijgesteld.
Zo kan bij een arbeidsongeval dat leidt tot de dood, blijvend letsel of ziekenhuisopname, per werkgever ‘voor het beboetbare feit dat de directe aanleiding is geweest voor een arbeidsongeval’ en afhankelijk van het aantal werknemers een boete worden opgelegd die kan variëren van € 1.350,- tot € 22.500,-. Als er sprake is van meer dan één slachtoffer, worden deze bedragen verhoogd.

Werkgever is verantwoordelijk

De Arbeidsomstandighedenwet legt de verantwoordelijkheid voor de veiligheid en de gezondheid van werknemers primair bij de werkgever. Dat heeft tot gevolg dat de werkgever de risico’s van de werkzaamheden voldoende moet inventariseren, de nodige maatregelen moet treffen en deugdelijke ‘arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen’ ter beschikking moet stellen. Ook moet hij voldoende instructies geven en adequaat toezicht houden op de naleving van die instructies. In de praktijk betekent dat onder meer:
– (laten) uitvoeren en bijhouden van een risico-inventarisatie en -evaluatie;
– treffen van preventieve maatregelen ter voorkoming van eventuele ongevallen;
– goed onderhouden van arbeidsmiddelen;
– ter beschikking stellen van persoonlijke beschermingsmiddelen;
– voeren van werkoverleg (ook wel ‘toolbox meetings’ genoemd) met werknemers, waar specifiek op gevaren wordt gewezen en maatregelen ter voorkoming van ongevallen worden besproken;
– geven van goede instructies aan werknemers;
– opstellen van een personeelshandboek waarin bepaalde regels en procedures zijn omschreven;
– controle op werknemers of ze de instructies nakomen.

Procedure in geval van een boete

Als de Arbeidsinspectie een boete wil opleggen, zal zij een boetekennisgeving moeten sturen. U kunt daar uw zienswijze op kenbaar maken. Maar dat moet wel binnen twee weken na dagtekening van de boetekennisgeving. Voor de goede orde: in dit stadium is nog geen boete opgelegd. Wel zal de boeteoplegger van de Arbeidsinspectie aan de hand van het boeterapport en uw zienswijze bepalen of en zo ja, voor welk bedrag, een boete zal worden opgelegd. Als u geen zienswijze kenbaar maakt, zal automatisch een boete worden opgelegd ter hoogte van het bedrag dat is genoemd in de boetekennisgeving.

Tegen deze boeteoplegging (de boetebeschikking) kunt u bezwaar aantekenen. U doet dat door binnen zes weken na dagtekening van de beschikking een bezwaarschrift in te dienen bij de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, t.a.v. de Arbeidsinspectie, Afdeling Juridische Zaken te ‘s-Gravenhage. Het bezwaarschrift moet voldoen aan de eisen die daaraan zijn gesteld in de Algemene wet bestuursrecht. Maar, ook al tekent u bezwaar aan tegen de boetebeschikking, u moet de boete wel binnen de voorgeschreven termijn betalen.

Wordt uw bezwaar afgewezen en bent u het daar niet mee eens, dan kunt u daar weer beroep tegen aantekenen bij de Rechtbank, Sector Bestuursrecht, binnen het rechtsgebied waar uw onderneming is gevestigd. Ook dit moet geschieden binnen een periode van zes weken, en wel na de dag waarop de beslissing op het bezwaar aan u bekend is gemaakt. Bij de indiening van dit beroepschrift is griffierecht verschuldigd. En het moet, net als het eerder ingediende bezwaarschrift, voldoen aan de eisen die de wet daaraan stelt.
Let op: ook als u beroep aantekent, moet u de boete binnen de voorgeschreven termijn betalen. In bepaalde gevallen hoeft u niet te betalen totdat op het bezwaarschrift of het beroepschrift is beslist. Maar u moet dan wel de voorzieningenrechter van de Sector Bestuursrecht van de rechtbank een ‘verzoek tot voorlopige voorziening’ vragen te doen. Pas aIs dat verzoek is gehonoreerd hoeft u de boete niet direct te betalen.

Als u uw zienswijze, bezwaar en beroep niet binnen de daarvoor gestelde termijnen indient, worden ze ‘niet ontvankelijk’ verklaard en wordt een voorgenomen boete gewoon opgelegd.

Is er sprake van een misdrijf?

Wat op deze pagina wordt besproken geldt als er overtredingen van de Arbeidsomstandighedenwet worden geconstateerd. Indien er sprake is van een misdrijf wordt direct proces-verbaal opgemaakt en aan het Openbaar Ministerie gezonden. Dat gebeurt ook als binnen 48 maanden voor eenzelfde overtreding al twee keer eerder een boete is opgelegd en die beslissing onherroepelijk is. In dergelijke situaties wordt u strafrechtelijk vervolgd.
Er kan sprake zijn van een misdrijf als u bijvoorbeeld
– een bevel tot stillegging in het kader van de Arbowet niet naleeft;
– een bevel tot staken van de arbeid in het kader van de Arbeidstijdenwet niet naleeft;
– enkele, met name in de regelgeving genoemde, verbodsbepalingen overtreedt.

Alleen schriftelijk bewijs geldt

Als u in een procedure voor de Arbeidsinspectie belandt, moet u daadwerkelijk kunnen aantonen dat u maatregelen heeft getroffen. Alleen stellen dat u dat gedaan heeft, is onvoldoende. Daarom moet u een bijvoorbeeld
– een schriftelijke risico-inventarisatie en -evaluatie kunnen laten zien;
– aankoop- en onderhoudsfacturen van de arbeidsmiddelen kunnen tonen;
– schriftelijk kunnen bewijzen dat een werknemer persoonlijke beschermingsmiddelen in ontvangst heeft genomen;
– schriftelijk kunnen aantonen dat een werknemer bepaalde verplichtingen zijn opgelegd (bijvoorbeeld door het tonen van arbeidsovereenkomsten, personeelshandboeken, nadere instructies, het kunnen overleggen van schriftelijke verslagen van werkoverleggen etc.);
– schriftelijke (officiële) waarschuwingen over kunnen leggen ten aanzien van werknemers die instructies niet adequaat hebben opgevolgd.