| Verjaringstermijn |
|
Gedoe rond verjaringstermijn Sinds 1 januari van dit jaar is de verjaringstermijn voor (strafrechtelijke) overtredingen vier jaar na aanvang van de oorspronkelijke verjaringstermijn: dus vier jaar na het tijdstip waarop het feit is gepleegd. Gevolg van deze nieuwe regel is, dat je door het instellen van hoger beroep of cassatie zou kunnen bewerkstelligen dat een uitspraak niet binnen vier jaar na het tijdstip waarop het feit is gepleegd zou kunnen plaatsvinden. Het Openbaar Ministerie zou dan ‘niet ontvankelijk’ zijn en de zaak daarmee afgedaan. Omdat aangenomen mag worden dat de wetgever dat niet zo heeft bedoeld, heeft minister Donner nu een wetsvoorstel gedaan de verjaringstermijn voor overtredingen te verlengen tot tien jaar. |